
4 -
HEATWAVE GEBRUIKSAANWIJZING
BESTE KLANT!
IndezegebruiksaanwijzingvindtubelangrijkeinformaedieuvoordeingebruiknamevanuwHeatwaveinfraroodverwarmingselementnodighee.
Uheemetdezeaankoopeenecologisch,spaarzaamverwarmingsapparaatgekochtenlevertopdezemaniereenbelangrijkebijdrageaandebe-
schermingvanhetmilieu.HetHeatwaveinfraroodverwarmingssysteemkenmerktzichdooreenvoudigeinstallae,exibelemontageenislevens-
langvrijvanonderhoud.Omlangpleziertehebbenvanuwinfraroodverwarmingselementenvoorwaarborgingvanuwveiligheid,radenwijuaan
dezegebruiksaanwijzingvóóringebruiknamezorgvuldigdoortelezen.Bewaardegebruiksaanwijzingsteedsbinnenhandbereikengeefhetinfrarood
verwarmingselementnooitzondergebruiksaanwijzingdooraananderepersonen.
Hetinfraroodverwarmingselementiseenwarmtestralerenwerktnietvolgenshetprincipevanconvecewarmte.Bijdeeerste
ingebruiknamekanhetzijndatdekoudevoorwerpen(meubels,muren,plafondenvloer)eerstmoetenwordenopgewarmd.Wanneeruniet
onmiddellijkeencomfortabelewarmteervaart,radenwijuaanomdewarmtestralergedurendemeerdereuren,enwanneernoodzakelijk,
ookgedurendemeerderedagenaantelatenstaantotereenaangenameruimtetemperatuurisbereikt.Zodradevasteobjectenopgewarmd
zijnzalderuimteaangenaamwarmwordenenkuntudeinschakelduurtoteenminimumbeperken.
1. Hetverwarmingselementmagnietindirectenabijheidvaneenwandcontactdoosaangebrachtworden.
2. Deinstallaevaneeninfraroodverwarmingselementmaginbepaalderuimtes(ruimtesmetdouche,badofzwembad)eninopenbaar
toegankelijkeruimtes,alleendooreenelektrovakmanenvolgensdevoorhetrespecevelijkelandgeldigerichtlijnenennormendoorgevoerd
worden.Mobieleverwarmingselementenmogennietindebuurtvanbad,doucheofzwembadgeplaatstworden.
3. Hetinfraroodverwarmingselementmagalleenop230volt,50Hzwisselstroomaangeslotenworden.
4. Hetinfraroodverwarmingselementmagnietaanovermagevochgheidblootgesteldworden.
5. Ermogengeenvoorwerpenophetinfraroodverwarmingselementgelegdworden.
Ookmaghetinfraroodverwarmingselementnietafgedektworden.OPGELEToververhingsgevaaralsmedehetgevaar
vaninbrandenvandekleuren/materialendieopoftegenhetverwarmingselementwordengeplaatst.
6. Hetinfraroodverwarmingselementisvoorzienvaneenveiligheidstemperatuurbegrenzer,waardoordezebijoververhing
wordtuitgeschakeldennaaoelingautomaschweerwordtingeschakeld.
7. Denetstekkermoetjdenshetgebruikviaschakelaarofthermostaatsteedsspanningsvrijteschakelenzijn.
8. De verwarmingselementen zonder netstekker voldoen (met uitzondering van de modellen met een houten lijst) aan
de bescherminsgraad IP65 (stof- en spatwaterdicht). Voor een ingebruikname in de beschermingsgraad IP 65 moet de
netaansluingdooreenelektrovakman(volgensdevoorhetrespecevelijkelandgeldige
richtlijnen en normen) aangepast worden.
VasteaansluingmetIP65aansluitdoosofcombinaestekkercontactdoosin
IP65 uitvoering.
9. Deminimaleafstandtenopzichtevananderevoorwerpenmoetaandevoorkant50cm,
zijkanten20cmenboven-enonderaan20cmbedragen.
10. Omeencorrecteenprofessioneleinstallaetegaranderen,moetende
montage-instruces(ziedevolgendepagina)resp.debijgevoegdeinstrucesvoor
plafondmontage strikt in acht worden genomen!
11. Bijeventueledemontageoftransportmoetuhetinfraroodverwarmingselement
vollediglatenaoelen.
VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
4 - NL
RICHTLIJN INZAKE ECOLOGISCH ONTWERP VOOR ENERGIEGERELATEERDE PRODUCTEN 2009/125/EG VAN DE VERORDENING
2015/1188
Wewillenueropaenderen,datovereenkomsgdeEU-richtlijn2009/125/EG,inzakeecologischontwerpvoorenergiegerelateerdeproducten,het
voorschri2015/1188totvaststellingvandevereistenvoorhetecologischontwerpvanindividueleruimteverwarmers,isaangehouden.
Deinstallaeeninbedrijfstellingvaninfraroodstralersisvanaf01.01.2018alleentoegestaanincombinaemetexterneruimtetemperatuurregelaars
(EU-richtlijninzakeecologischontwerpvoorenergiegerelateerdeproducten2009/125/EG,verordening2015/1188),diedevolgendefunces
vervullen:elektronischeruimtetemperatuurregelingmetweekdagbesturingenafstandsbedieningen/ofraamopeningsmelderen/ofadapeve
regelingvoorhetstartenvandeverwarming.
Demobieleverwarmingsapparatenzijnalleengeschiktvoorgoedgeïsoleerderuimtesofvoorincidenteelgebruik(regelingdoormiddelvaneen
thermostaatvereist).
afb. minimale afstanden
lambrizering
A = 20 cm B = 50 cm
C = 4 cm (voorgemonteerde beugel)