BORETTI BR-89 User manual

BR-89
NL
FR
D
EN
GE B R U I K S A A N W I J Z I N G
NO T I C E D’E M P L O I
BE D I E N U N G S A N L E I T U N G
OP E R AT I N G I N S T R U C T I O N S
©Boretti BV BR-89 Inbouw koelkast-11

B O R E T T I B V
De Dollard 17
1454 AT Watergang
T +31(0 ) 20-4363439
F +31(0 ) 20-4361326
S +31(0 ) 20-4363525 (ser vice)
E info @ bor et ti.com
The Netherlands
N V B O R E T T I S A
Rupelweg 16
2850 Boom
T +32 (0 ) 3-4508180
F +32 (0 ) 3-45868 47
E info.be @ boret ti.com
Belgium

INHOUD
DEEL 1: ALVORENS HET APPARAAT TE GEBRUIKEN 2
•
Veiligheidsinstructies 2
•
Aanbevelingen 2
•
Het apparaat inschakelen 3
DEEL 2: BEDIENEN VAN HET APPARAAT 4
•
Instellen van de thermostaat 4
•
"Deur open"-indicator 5
DEEL 3: BEWAREN VAN VOEDINGSWAREN IN HET APPARAAT 6
•
oelkastcompartiment 6
•
Diepvriescompartiment 6
DEEL 4: REINIGING EN ONDERHOUD 8
•
Ontdooien van het koelkastcompartiment 8
•
Vervangen van de lamp 9
DEEL 5: ALVORENS DE REPARATIEDIENST TE BELLEN 1 0
DEEL 6: ONDERDELEN VAN HET APPARAAT EN DE COMPARTIMENTEN
1 1
Waarschuwing: Gebruik geen andere mechanische toestellen of anderen middelen om het ontdooiingproces te
versnellen
Waarschuwing: Gebruik geen elektrische toestellen in de bewaarladen van het toestel.
Waarschuwing: Houd de ventilatieopeningen van het toestel vrij. Waarschuwing: Beschadig het
koelcircuit van de koelkast niet.
Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inbegrepen kinderen) met gereduceerde fysieke,
zintuiglijke of mentale capaciteiten, of een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij ze toezicht of instructies kregen
betreffende het gebruik van het apparaat door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen
moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat ze niet spelen met het apparaat.
Indien de elektriciteitskabel beschadigd is, moet deze worden vervangen door de fabrikant of service agent of
een aangeduide persoon.
Deze gebruiksaanwijzing heeft betrekking op verschillende modellen. Daarom kunnen er
verschillen voorkomen.

DEEL 1 ALVORENS HET APPARAAT TE GEBRUIKEN
Veiligheidsinstructies
•
Gelieve dit boekje grondig te lezen alvorens het apparaat te installeren en in te schakelen. De
fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor een foute installatie of een verkeerd gebruik.
•
WAARSCHUWING; houd ventilatieopeningen in de behuizing van het apparaat of in de
inbouwstructuur vrij van belemmeringen.
•
Als dit apparaat in de plaats komt van een oud apparaat dat is uitgerust met een slot, dient u het slot van
het oude apparaat stuk te maken of te verwijderen om te voorkomen dat kinderen zichzelf zouden
opsluiten in de koelkast.
•
Als het model het koelmiddel isobuteen (R600a) bevat, een natuurlijk en uiterst milieuvriendelijk gas, is
voorzichtigheid geboden aangezien isobuteen uiterst ontvlambaar is. Het is belangrijk ervoor te zorgen dat
de koelmiddelleidingen niet beschadigd raken tijdens het transporteren of installeren van het apparaat.
Mocht de koelmiddelkring toch beschadigd raken, dient u open vlammen of ontstekingsbronnen te
vermijden en de kamer waarin het apparaat zich bevindt goed te ventileren.
•
Beschadig de koelmiddelkring niet.
•
Sta kinderen niet toe met het apparaat te spelen. Er mogen nooit kinderen in de
•
laden gaan zitten of aan de deur gaan hangen.
•
Maak geen gebruik van adapters of shunts, die oververhitting of verbranding
•
kunnen veroorzaken.
•
Maak nooit gebruik van oude, beschadigde voedingskabels.
•
Verdraai of buig de kabels niet en houd ze uit de buurt van hete oppervlakken.
•
Steek de stekker nooit met natte handen in het stopcontact.
•
Uw oude apparaten bevatten isolatiegassen en koelmiddelen die naar behoren
•
moeten worden afgedankt. Zorg ervoor dat de koelmiddelkring niet beschadigd raakt
•
alvorens het apparaat wordt weggevoerd om te worden afgedankt.
•
Zorg ervoor dat de kabel na installatie niet onder het apparaat zit geklemd.
Aanbevelingen
•
Ontdooi het apparaat nooit met andere elektrische apparaten (bijv. haardroger) of andere kunstmatige
middelen, en gebruik nooit scherpe metalen voorwerpen om ijs van de koelkast- of diepvrieswanden te
verwijderen, aangezien het koelsysteem daardoor beschadigd kan raken.
•
Laat geen elektrische apparaten binnenin de koelkast of diepvries werken.

•
Plaats geen (glazen of blikken) flessen met vloeistoffen (vooral geen sprankelende vloeistoffen) in de
diepvries aangezien de flessen zouden kunnen barsten tijdens het vriezen.
•
Raak de koeloppervlakken niet aan terwijl het apparaat werkt, vooral niet met natte handen, aangezien de
huid zou kunnen blijven plakken aan de koude oppervlakken.
•
Eet nooit ijs dat pas uit de diepvries werd gehaald.
Het apparaat inschakelen
•
Alvorens het in te schakelen dient u het apparaat rechtop te zetten en minstens drie uur te
•
wachten zonder het apparaat te bewegen. Op die manier krijgt de koelkring de kans om tot
•
rust te komen zodat hij daarna efficiënt kan werken.
•
Reinig het apparaat grondig, vooral binnenin, alvorens het te gebruiken (zie "Reiniging
en onderhoud").
•
Het installeren van het apparaat en de elektrische aansluitingen moet worden uitgevoerd door een
gekwalificeerde technicus, in overeenstemming met de installatiehandleiding en de plaatselijke
voorschriften.
•
De procedure voor het installeren van het apparaat in de keuken vindt u in de installatiehandleiding. Dit
product is uitsluitend bestemd voor gebruik in gepaste keukenkastelementen.
•
Het apparaat moet worden aangesloten op een naar behoren geïnstalleerd en van een zekering voorzien
stopcontact. De voeding (AC) en spanning van het stopcontact moeten overeenstemmen met de gegevens
op het typeplaatje van het apparaat (het typeplaatje bevindt zich op de linker binnenkant van het apparaat).
•
Steek de stekker in een naar behoren geaard stopcontact. Als het stopcontact geen aarding heeft of als de
stekker er niet in past, is het raadzaam de hulp in te roepen van een gekwalificeerde elektricien.
•
De fabrikant is niet aansprakelijk voor het niet tot stand brengen van de
aardaansluiting zoals beschreven in dit boekje.
•
Het is mogelijk dat het apparaat een geur verspreidt wanneer het de eerste keer wordt ingeschakeld. Die
zal verdwijnen zodra het apparaat begint te koelen.

DEEL 2 BEDIENEN VAN HET APPARAAT
In tellen van de thermo taat
•
De diepvries- en koelkastthermostaten regelen de temperatuur in de respectieve
compartimenten automatisch. Hoe meer u de knop naar rechts draait (van stand
1 naar stand 5), hoe lager de temperaturen in het apparaat.
•
In de stand "0" is de thermostaat uitgeschakeld en wordt er niet gekoeld.
•
Om voedingswaren korte tijd te bewaren in het diepvriescompartiment, zet u de
knop tussen de laagste en de middelste stand (1-3).
•
Om voedingswaren lange tijd te bewaren in het diepvriescompartiment, draait u
de knop in middelste stand (3-4).
•
Opmerking: de omgeving temperatuur, de temperatuur van pa in het
apparaat gelegde voeding waren en de frequentie waarmee de deur van
het apparaat wordt geopend, hebben een invloed op de temperatuur in de
koelka t en de diepvrie . Wijzig de temperatuurin telling indien nodig.
•
Wanneer u het apparaat de eerste keer inschakelt, zou u het gedurende 24 uur
continu moeten laten werken zonder dat er iets in zit en zonder de deur te
openen. Als u hem onmiddellijk moet gebruiken, tracht hem dan niet te vol te
steken.
•
Als het apparaat wordt uitgeschakeld of losgekoppeld van het stroomnet, moet u
minstens minuten wachten alvorens het apparaat weer in te schakelen, om
schade aan de compressor te voorkomen.
•
KOELKASTEN (met 4 terren); De diepvries van de koelkast haalt
temperaturen van -18°C en lager.
•
PROVISIEKASTEN (zonder terren); provisiekasten (koelkasten) hebben geen
diepvriescompartiment en kunnen koelen tot een temperatuur van 4-6°C.

"Deur open"-indicator (voor koelkasten met enkele deur met diepvriescompartiment)
•
De "Deur open"-indicator op de grendelschuif geeft aan of de deur al dan niet correct gesloten is.
•
Als de rode indicator zichtbaar is, is de deur nog open.
•
Als de rode indicator niet zichtbaar is, is de deur correct gesloten.
•
Denk eraan dat de diepvriesdeur altijd goed gesloten moet worden gehouden. Dat voorkomt dat de
voedingswaren in de diepvries zouden ontdooien, dat er te dikke ijslagen kunnen worden gevormd in de
diepvries en dat er energie wordt verspild.
Als u koelkast onvoldoende afkoelt;
• Uw koelkast is ontworpen om te werken bij kamertemperatuur intervallen vermeld in de normen, op basis
van de klimaatklasse vermeld in de informatietabel. We raden af uw koelkast te gebruiken buiten de
vermelde temperatuurwaarden met betrekking tot de efficiëntie van de koeling.
Klimaatklasse Omgevingstemperatuur C°
TTussen 16 en 43. C°
ST Tussen 16 en 38. C°
NTussen 16 en 32. C°
SN Tussen 10 en 32. C°

•
Tropische klimaatklasse wordt beschreven als tussen 16°C en 43°C omgevingstemperaturen in
overeenstemming met EN ISO15502 normen.
•
Het toestel is conform met EN15502, IEC60335-1 / IEC60335-2-24, 2004/108/EC normen.
DEEL 3 BEWAREN VAN VOEDINGSWAREN IN HET APPARAAT
Koelka tcompartiment
Het koelkastcompartiment wordt gebruikt om verse voedingswaren enkele dagen te
bewaren.
•
Zorg ervoor dat de voedingswaren niet in contact komen met de achterwand van
het koelkastcompartiment. Laat wat ruimte rondom de voedingswaren om een
goede luchtcirculatie mogelijk te maken.
•
Plaats nooit hete voedingswaren of dampende vloeistoffen in de koelkast.
•
Plaats de voedingswaren in gesloten containers of ingepakt in de koelkast.
•
Plaats nooit vloeistoffen in onafgedichte recipiënten in de koelkast, om te
voorkomen dat het te vochtig wordt of dat er ijs wordt gevormd in de koelkast.
•
Het is raadzaam alle ingepakte vleeswaren op het glazen blad net boven het
groentevak te leggen, waar de lucht kouder is.
•
Fruit en groenten mogen onverpakt in het groentevak worden gelegd.
•
Open de deur van de koelkast niet te vaak en laat de deur nooit te lang
openstaan, om te voorkomen dat er koude lucht ontsnapt.
Diepvrie compartiment
Het diepvriescompartiment wordt gebruikt voor het invriezen van verse
voedingswaren, voor het bewaren van aangekochte diepgevroren voedingswaren
gedurende de periode die wordt aangegeven op de verpakking, en voor het maken
van ijsblokjes.
•
Voor het invriezen van ver e voeding waren; verpak verse voedingswaren in
luchtdichte en niet-lekkende verpakkingen. Ideaal zijn speciale diepvrieszakken,
aluminiumfolie (dikke folie, twee keer omwikkelen als u twijfelt over de dikte),
polyethyleen zakken en plastic recipiënten.
•
Zorg ervoor dat de in te vriezen verse voedingswaren niet in contact komen met
reeds ingevroren voedingswaren.

•
Schrijf steeds de datum en de inhoud op de verpakking en bewaar ingevroren
voedingswaren nooit langer dan de erop vermelde bewaardatum.
•
In geval van een stroomonderbreking of een storing, zal het diepvries-
compartiment een voldoende lage temperatuur handhaven voor het bewaren van
de voedingswaren. Tracht echter te vermijden dat de diepvriesdeur in dergelijke
gevallen worden geopend, om te voorkomen dat de temperatuur in het
compartiment te vlug stijgt.
•
De maximale hoeveelheid verse voedingswaren die binnen 24 uur in de
diepvries kunnen worden gestoken, staat aangegeven op het
typeplaatje (zie Vriescapaciteit).
•
Plaats nooit warme voedingswaren in het diepvriescompartiment.
•
Aankopen en bewaren van diepgevroren voeding waren; ga na of de
verpakking niet beschadigd is.
•
De bewaartijd en de aanbevolen temperatuur voor de diepgevroren
voedingswaren staat vermeld op de verpakking. Volg de instructies van de fabrikant
voor bewaring en gebruik. Als er geen informatie op de verpakking staat, mag het
product niet langer dan 3 maanden in de diepvries worden bewaard.
•
Plaats diepgevroren voedingswaren zo vlug mogelijk na aankoop
in het diepvriescompartiment.
•
Eenmaal de voedingswaren ontdooid, mogen ze niet opnieuw worden
ingevroren; ze moeten zo vlug mogelijk worden bereid om te worden opgegeten of
om opnieuw te worden ingevroren.
•
Voor het maken van ij blokje vult u het ijsbakje met water en plaatst u
het in het diepvriescompartiment. Zodra het water volledig in ijs is veranderd, kunt u
de blokjes er uit verwijderen door met het bakje te draaien, zoals hieronder wordt
geïllustreerd.

DEEL 4 REINIGING EN ONDERHOUD
•
Koppel het apparaat lo van de voeding alvoren het
te reinigen.
•
Giet nooit water over het apparaat.
Het koelkastcompartiment moet regelmatig worden
gereinigd met een oplossing van natriumbicarbonaat en
lauw water.
•
Reinig de accessoires afzonderlijk met zeep en water.
Steek ze niet in de vaatwasmachine.
•
Gebruik geen schuurproducten, detergenten of zepen.
Na het wassen, spoelt u de oppervlakken af met schoon
water en droogt u ze zorgvuldig af. Na het reinigen, steekt
u de stekker opnieuw in het stopcontact met droge
handen.
Table of contents
Languages:
Other BORETTI Refrigerator manuals

BORETTI
BORETTI BKVD-179 User manual

BORETTI
BORETTI BRT 102 User manual

BORETTI
BORETTI BR102 User manual

BORETTI
BORETTI BR88 User manual

BORETTI
BORETTI M-system MKR-88 User manual

BORETTI
BORETTI BKV178 User manual

BORETTI
BORETTI BRA88 User manual

BORETTI
BORETTI BRV82 User manual

BORETTI
BORETTI M-System MKRV-122 User manual

BORETTI
BORETTI BR82 User manual

BORETTI
BORETTI BKV-179 User manual

BORETTI
BORETTI BR88 User manual

BORETTI
BORETTI M-System MKR102 User manual

BORETTI
BORETTI BKRV102 User manual

BORETTI
BORETTI BRV178 User manual

BORETTI
BORETTI BV88 User manual

BORETTI
BORETTI BV-89 User manual

BORETTI
BORETTI BRV122 User manual

BORETTI
BORETTI BRV-123 User manual

BORETTI
BORETTI BRV102 User manual





















